Bij iedere operatie kunnen zich problemen voordoen, ook bij de sterilisatie. Maar de kansen op complicaties als nabloedingen en (huid)infecties zijn minimaal, zeker omdat we de allernieuwste technieken gebruiken. Ook is er altijd een gering narcose risico daarom kijken we de hond altijd erg goed na, er is een "voorzorg" protocol en bij twijfel doen we soms zelfs bloedonderzoek. De bewaking is tijdens de narcose en erna optimaal en met de allermodernste apparatuur . Soms komt het 6-9 maanden na operatie voor dat de teef af en toe druppeltjes urine verliest. We zien het vooral bij de gevoelige rassen (Boxer, Bobtail, jachthonden). Dit is gelukkig goed te behandelen met medicijnen.

Een nadeel is dat een gesteriliseerde teef wat meer risico heeft om zwaarder te worden. Het is daarom raadzaam, na de sterilisatie iets minder eten te geven of zelfs een speciaal daarvoor ontwikkeld voer en de eerste maanden het gewicht van uw hond goed in de gaten te houden.
Indien uw hond vlak na de loopsheid wordt gesteriliseerd, bestaat er een kans dat ze schijndrachtig wordt met opgezwollen tepeltjes.